1901x gelezen
Wat zijn de belangrijkste ratio´s en financiële kengetallen?

> Vergelijk de jaarrekeningen
Vergelijk altijd de genormaliseerde cijfers met de jaarrekening zoals deze is gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel. Door beide cijferopstellingen op elkaar aan te sluiten, is precies te zien welke posten zijn genormaliseerd. De gedeponeerde jaarrekening is de commerciële jaarrekening. Deze kan afwijken van de fiscale jaarrekening die aan de fiscus is verstrekt. Bij de fiscale jaarrekening zal de ondernemer de winst zo laag mogelijk willen houden,bij een commerciële jaarrekening juist zo hoog mogelijk, bijvoorbeeld om banken mee te krijgen of kopers te overtuigen.
> Normalisatieposten
Jaarrekeningen van afgelopen jaren geven een beeld van het verleden van de onderneming. Meestal wordt aan het informatiememorandum ook een prognose toegevoegd voor het komende jaar of de komende jaren. De jaarcijfers worden vaak door de verkoper genormaliseerd. Dit houdt in dat de officiële jaarrekening wordt gecorrigeerd voor incidentele en abnormale kosten. Het voordeel voor de koper is dat de genormaliseerde jaarrekening representatief is voor de situatie ná de overname. Zo kan hij beter inschatten wat de waarde is van het bedrijf. Ga er wél vanuit dat de verkoper in het algemeen slechts die normalisaties zal opvoeren die hem goed uitkomen en dus de winst en daarmee de waarde van het bedrijf zullen verhogen. Posten die negatief uitwerken voor de verkoper zal hij slechts opvoeren als deze erg voor de hand liggen, zoals een zeer lage managementvergoeding. Een goede, kritische beoordeling van de normalisatieposten vormt altijd de eerste stap in de onderhandelingen.
> Vergelijken van cijfers
Het informatiememorandum bevat doorgaans cijfers van voorgaande jaren. Het vergelijken van de jaarcijfers geeft veel inzicht in het verleden van de onderneming. Een blik op de verlies- en winstrekening leert hoe de omzet zich heeft ontwikkeld. Zit er een stijgende lijn in, of daalt de omzet? Hoe zijn pieken en dalen in de omzet te verklaren? Ook ziet u direct hoe de diverse kosten zich ontwikkelen in de tijd. Een andere manier van vergelijken is benchmarking. De cijfers van het bedrijf worden dan vergeleken met het eigen bedrijf van de aspirant-koper zelf of met soortgelijke ondernemingen in de branche. Bij brancheverenigingen is veel informatie te krijgen en ook de Rabobank is een uitstekende informatiebron. Onder de naam Cijfers & Trends brengt de bank rapporten uit over tientallen branches. Via de Kamer van Koophandel kunt u jaarrekeningen van vergelijkbare bedrijven opvragen.
> Financiële ratio’s
Financiële ratio’s zeggen veel over de staat waarin het bedrijf verkeert. Er zijn tientallen, zo niet honderden ratio’s, we beperken ons tot enkele belangrijke.
Solvabiliteit = eigen vermogen / totale vermogen
De solvabiliteit is het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen (balanstotaal). Het geeft aan in welke mate de onderneming in staat is aan zijn financiële verplichtingen
te voldoen. Als stelregel geldt dat een productiebedrijf een hogere solvabiliteit nodig heeft dan een handelsbedrijf of een dienstverlener. Voor een productiebedrijf wordt 30 tot 40 procent gezien als een gezonde solvabiliteit, voor andere bedrijven ligt dat rond 20 procent.
Interest-coverage ratio = winst voor belasting en rentelasten /rentelasten
De interest-coverage ratio geeft aan hoeveel maal een onderneming zijn interestlasten verdient. Dit is een maatstaf voor de mate waarin de winst (vóór interest en belasting) kan
terugvallen zonder dat de onderneming in financiële moeilijkheden komt. Ook geeft dit kengetal aan in hoeverre de onderneming nog leningen, met de daaraan verbonden interestlasten, kan aangaan. Een waarde hoger dan drie wordt als normaal gezien. Houd er rekening mee dat na de overname de financieringslast in het overgenomen bedrijf zal toenemen, waardoor de interest-coverage ratio daalt. Deze ratio is dus zeker ook interessant om de situatie na de overname te beoordelen.
Omloopsnelheid van de voorraden = kostprijs van de omzet / voorraden
Omlooptijd van de voorraden = voorraden x 365 / kostprijs van de omzet
De omloopsnelheid van de voorraad geeft aan hoe lang de voorraden in het magazijn liggen opgeslagen. Deze ratio wordt berekend door de kostprijs van de omzet te delen door de waarde van de voorraad. Hoe hoger de uitkomst van deze ratio, hoe korter de voorraden in het magazijn liggen. De reciproke van deze formule geeft de omlooptijd van de voorraden aan. De waarde wordt berekend door de waarde van de voorraad te delen door de kosten van de omzet en dat te vermenigvuldigen met 365. Deze waarde geeft aan hoe lang (in dagen) de voorraden gemiddeld zijn opgeslagen. Hoe lager de uitkomst van deze breuk, hoe gunstiger het is voor de liquiditeit.
Omloopsnelheid van debiteuren = omzet op rekening / debiteuren
Omlooptijd van debiteuren = debiteuren / omzet op rekening
Bij de omloopsnelheid wordt de omzet op rekening gedeeld door het debiteurensaldo. Bij de omlooptijd gaat het om de reciproke van deze berekening, vervolgens vermenigvuldigd met 365. De omlooptijd laat de gemiddelde incassoduur (in dagen) zien van de vorderingen.
> Cashflow
Waar het écht om draait in een bedrijf is cashflow. In het kader van de cashflow gaat het vooral om de vraag wat de vrije geldstromen zijn. Dit is het geld dat daadwerkelijk, per saldo, de onderneming binnenstroomt. Het verschil tussen nettowinst en vrije geldstromen wordt vooral bepaald door afschrijvingen (dit zijn wel kosten, maar geen uitgaven), investeringen (geen kosten, wel grote uitgaven) en het toe- of afnemen van werkkapitaal (geen inkomsten, wel ontvangsten, resp. geen kosten, wel uitgaven). Vrije geldstromen zijn beschikbaar voor de verschaffers van eigen vermogen en vreemd vermogen in de vorm van rente, aflossingen en dividenden. De vrije geldstromen geven een belangrijke indicatie voor de verdiencapaciteit van een onderneming en daarmee voor de waarde van de onderneming.
Vrije geldstromen
De vrije geldstromen worden als volgt berekend:
operationele inkomsten
-/- operationele uitgaven
-/- afschrijvingen
resultaat voor rente en belastingen
-/- belastinguitgaven
netto operationeel resultaat na belastinguitgaven
+/+ afschrijvingen
operationele geldstroom
+/+ of -/- toename / afname werkkapitaal
-/- investeringen vaste activa
vrije geldstroom